projecten

“Er mag zichtbaar worden wat voor jóu zichtbaar wil worden.”

Kunstprikkels

Regelmatig geef ik kunstprikkel sessies aan jonge kinderen voor de stichting Kunst met de Paplepel. Laatst kwam een cameraman vastleggen wat ik doe. Ik werkte ik met iets heel eenvoudigs: sokken. Veel sokken, in alle kleuren. Ik droeg zelf een zwarte jurk met veel zakken waaruit de sokken tevoorschijn kwamen. Ze verschenen om mijn benen en armen en begonnen te bewegen, te dansen rond de kinderen.

Al snel namen de kinderen het spel over. Ze knoopten de sokken aan elkaar, zwaaiden ermee, rekten ze uit: hoe lang hielden we vast totdat we los wilden laten? Ze gooiden de sokken de lucht in, lieten ze vallen, vingen ze op. Toen kwamen er krukjes bij en ontstond er een nieuw spel: van kruk naar kruk springen, steeds verder, steeds vrijer.

Wat opviel was de intensiteit van het spel. Een kind begon eerst in zijn eigen wereld, maar stapte gaandeweg volledig in het gezamenlijke onderzoek. Terwijl een ander kind met volledige aandacht en verwondering aan het voelen was, in contact met mij en met het materiaal. Nog een ander kind bleef maar roepen: “Nog een keer!” — het spel wilde niet stoppen.

Met zo’n alledaags materiaal, altijd binnen handbereik van pedagogisch medewerkers, ontstond een rijke wereld van beweging, verbeelding en aandacht. Ik dacht vooraf: sokken aantrekken doen we normaal gehaast, omdat we naar school moeten. Nu is er tijd om daarbij stil te staan. Maar de kinderen deden iets veel groters: ze vergaten het aantrekken en doken in spel en onderzoek.

Zozeer zelfs dat we de camera vergaten. In de beelden zie je de flow, de concentratie, de mimiek — alles wat ontstaat wanneer kinderen werkelijk in het moment zijn.

Op locatie

Kunstprikkels is er ook op locatie in verschillende wijkcentra. Jong en oud zijn dan welkom om mee te doen. Tijdens het Winterfestival in Hatert (Nijmegen) gaf ik een middagworkshop, geïnspireerd op het atelier van Arno Stern. In het midden van de ruimte stonden alle verfpotten met kwasten, rondom grote vellen papier tegen de wanden. Iedereen werkte staand, in zijn eigen bubbel, met eigen kleuren en vormen. Er was ook verbinding, in het midden, als ze een nieuwe kleur verf kwamen pakken.

Deze werkwijze raakt voor mij de kern van wat creativiteit kan zijn: een directe verbinding met wat van binnenuit wil ontstaan, zonder voorbeeld, zonder oordeel. Jong en oud werkten naast elkaar. Er was zelfs een man van negentig, die vanaf zijn stoel toch wilde schilderen.

Terwijl de kinderen verdiept bezig waren, raakte ik in gesprek met ouders die aan de kant stonden aan te moedigen. Ik zei: “Zie je wat er gebeurt als je zegt dat zijn werk mooi is? Dan gaat hij uit zijn concentratie. Het is zo belangrijk dat hij zijn eigen beeld kan maken, niet voor jou, maar voor zichzelf.” Even later hoorde ik een ouder zeggen: “O ja… ik zie het. Ik doe het thuis ook zo. Maar nu zie ik wat het doet met hem.”

Als ik erover vertel, landt dit niet altijd, maar doordat het hier zo zichtbaar was, voelde ik het inzicht landen. Sommige kinderen brachten iets naar buiten van wat er in henzelf speelde. Anderen schilderden herkenbare figuren, zoals Nijntje, en zochten bevestiging: “Kijk mam, vind je het mooi?”

Juist in die verschillen werd mijn visie voelbaar:
er mag zichtbaar worden wat voor jóu zichtbaar wil worden.

Peuterpret

Yoga met peuters